Onderzoek: Waarom een betere beker? - Total Innovation
14944
page-template,page-template-full_width,page-template-full_width-php,page,page-id-14944,woocommerce-no-js,ajax_fade,page_not_loaded,,hide_top_bar_on_mobile_header,columns-3,qode-theme-ver-11.2,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-4.12,vc_responsive
 

Onderzoek: Waarom een betere beker?

Verslikken is een probleem

0,11% tot 22,6% van de Nederlandse bevolking heeft (ernstige) last van verslikken

22%

Slikken is een zeer complexe beweging en duurt ongeveer 2 seconden. Mensen slikken 800 tot 2400 keer per dag. Dit gebeurt grotendeels automatisch. Bij een stoornis van het slikken spreekt men van Dysfagie. Er is sprake van structurele moeite bij het slikken en verplaatsen van speeksel, voedsel en drank van de mond naar de maag.

Verslikken Facts

Stoornis van het slikken (Dysfagie) komt voor in alle leeftijdsgroepen.
0,11% tot 22,6% van de Nederlandse bevolking heeft een stoornis van het slikken.

Oorzaken van een slikstoornis

  1. Aangeboren-/ontwikkelingsaandoeningen
  2. Neurologische aandoeningen
  3. Aandoeningen door ziekte en/of medische behandeling
  4. Ouderdom (Presbyfagie)

Problemen ten gevolge van dysfagie

  1. Luchtweginfecties en longontsteking
  2. Ondervoeding of uitdroging
  3. Angstgevoel
  4. Verminderde interesse om te drinken
Kinderen met spasticiteit / verstandelijke bep.0%
Volwassenen met een verstandelijke beperking0%
CVA in de acute fase (gemiddeld %)0%
Parkinson (gemiddeld %)0%
Alzheimer0%
Ziekte van Huntington0%

Het belang van een oplossing:

 Een goede drinkbeker vermindert het risico op verslikken

Zelfstandig en veilig gebruik kunnen maken van een drinkbeker is belangrijk. In verschillende onderzoeken wordt een relatie genoemd tussen dysfagie (slikstoornis) en de mate van afhankelijkheid. We noemen enkele:

  • Relatie 1

    Verminderd gebruik van de mogelijkheden van degene die geholpen wordt.

  • Relatie 2

    Minder aandacht van degene die geholpen wordt tijdens het drinkmoment.

  • Relatie 3

    De lichaamshouding van degene met dysfagie en de snelheid waarmee hij / zij geholpen wordt.

  • Relatie 4

    Er is een wetenschappelijk aangetoonde relatie tussen dysfagie en rolstoelgebruik

  • Relatie 5

    Er zijn geen juiste hulpmiddelen of verkeerd gebruik ervan